Eerste hulp bij het naaien van een trui

Wil je graag een trui maken, maar kun je wel een beetje hulp gebruiken? Op Instagram heb ik een week lang mijn voortgang gepost tijdens het maken van de Linden-trui. Hier vind je al deze posts terug, inclusief allerlei tips en tricks!

Dag 1:

We beginnen met de maat opmeten en de stof knippen (gebruik de pijltjes in de Instagram-foto hieronder voor meer foto's)⁠. 

Kies je maat op basis van de patroonmaten (voor de Linden-trui vind je deze hier). De trui valt lekker casual en is ook nog eens van stretchstof, het komt dus niet heel erg nauw. ⁠

1 - Neem het patroon over op patroonpapier (op de foto zie je geen patroonpapier, dat van mij was op...), en speld het volgens het knipvoorbeeld op de stof. Maak je de trui in twee kleuren stof? Gebruik dan het knipvoorbeeld dat hier staat. Hulp nodig bij het overnemen van je patroon op stof? Daar heb ik een blogpost over.

2 - Gebruik de pijl op het patroon om de patroondelen recht uit te lijnen op de stof. Vooral voor de mouw is dit belangrijk. ⁠

3 - Knip ter plaatse van de 'notches' (kleine merktekentjes op het patroon) de rand een stukje in. Knip niet te ver! De naadtoeslag is maar 6 mm, dus zorg dat je knipje niet dieper is dan 6 mm. ⁠

Dag 2:

Vandaag neem ik je mee in de wondere wereld van het naaien met stretchstoffen. ⁠

Wat daar zo fijn aan is? Het hoeft allemaal niet zo precies. Stretchstof stretcht lekker met je mee, dus een scheef naadje hier en daar valt niemand op.

Een paar handige tips 
(gebruik de pijltjes in de Instagram-foto hieronder voor een foto bij elke tip)⁠ - je kunt hiervoor overigens ook deze video bekijken:

1 - Gebruik een naald speciaal voor stretchstof. Dit heet een jersey-naald/ballpoint-naald. Deze heeft een afgeronde punt, waardoor hij tussen de gebreide vezels van je stretchstof in stikt, in plaats van er dwars doorheen. Dit voorkomt dat er steken worden overgeslagen.⁠

2 - Kies een steek die past bij je stretchstof. Mijn machine heeft een stretchsteek, dat houdt in dat hij twee steken vooruit stikt en dan weer eentje terug. Dit zorgt voor een superstretchy stiksel, wat handig is want 1) het rekt mee en 2) het breekt niet als je de stof uitrekt. Heeft je machine niet zo'n steek, dan kun je voor een smalle zigzagsteek kiezen, die rekt ook. De gewone rechte steek (helemaal rechts) zou ik niet kiezen, die gaat breken als er spanning op je kledingstuk komt te staan. ⁠Trek tijdens het stikken niet te hard aan de stof, maar laat de machine het werk doen. ⁠

3 - Voor het afwerken van naden heb je drie opties: niet afwerken (want French Terry rafelt niet!), zigzaggen, of locken. Dat laatste doe ik zelf meestal, met een lockmachine (en dan hoef je eigenlijk niet eens eerst de naad te stikken want dat doet de lockmachine ook voor je) maar je heb je niet zo'n ding, dan zijn de andere twee opties ook prima! ⁠

Dag 3: 

Tijd om echt aan de bak te gaan. Vandaag zetten we de mouwen in! ⁠

1 - Je mouw heeft twee schuine kanten. De ene kant stik je vast aan het voorpand, de andere kant aan het achterpand. Je herkent welke kant welke is aan de merktekentjes die je eerder in je mouwdeel hebt geknipt.⁠

2 - Leg het voorpand met de schuine kant langs de schuine kant van de mouw, goede kanten op elkaar. Speld eerst de uiteindes en de merktekentjes op elkaar vast, daarna speld je de rest van de rand vast. Steek je speld altijd van rechts naar links, dat is handig tijdens het stikken straks! ⁠

3 - Als je uitgestikt bent en de naad hebt afgewerkt, ga je deze strijken. Strijk de naad naar één kant, en gebruik een beetje stoom want dan gaat het makkelijker. Daarna draai je het kledingstuk om en strijk je de naad nog een keer, nu vanaf de goede kant. ⁠

Herhaal deze drie stappen voor de andere drie naden. Als je klaar bent heb je een soort poncho gemaakt. 

Dag 4:

1 - Vouw je poncho-gewaad dubbel met de goede kanten op elkaar. Kijk toch eens, het lijkt ineens een trui! ⁠

2 - Speld de hele zijnaad op elkaar, dus van de punt van de mouw, via de oksel, helemaal naar de zoom van de trui zelf. Speld eerst weer alle uiteindes op elkaar, en de okselnaad. In de oksel is het slim om de naald precies door de naad te steken (check ook aan de andere kant of de naald er precies doorheen zit). Hiermee vergroot je de kans dat de naad in de oksel straks netjes doorloopt en niet verspringt. Speld de rest van de zijnaad ook, stik vast met een stretchy steek naar keuze, werk af en strijk naar achteren. ⁠

En ladies en gentlemen, we hebben een sweater! 

Dag 5:

We gaan een boord onderaan de trui zetten. Deze werkt de onderkant af, en zorgt voor een authentieke sweater-look! 

1 - Je hebt twee rechthoekige stukken stof, dit wordt samen de boord. Stik de korte kanten aan elkaar en strijk de naad open. Je hebt nu een cirkel, vouw deze dubbel en strijk de vouw. ⁠

2 - Om de boord netjes evenredig over de trui te verdelen, verdelen we de boord in vier stukken door de boord op twee manieren dubbel te vouwen. De kwarten markeer je met een speld. Doe hetzelfde voor de onderrand van de trui zelf. ⁠

3 - Schuif nu de boord over de trui (goede kanten op elkaar), en match de corresponderende spelden met elkaar. Nu kun je de hele boord vastspelden. Zorg dat je de stof tussen elk paar spelden netjes verdeelt. Maak hierbij gebruik van de rek in de stof, door tussen elk paar spelden de stofdelen uit te rekken totdat ze even lang zijn. Pas dan steek je er een speld door, zo weet je zeker dat je de boord netjes over de trui verdeelt. ⁠

4 - Stik vast met een stretchy steek naar keuze, werk eventueel de naden af, en strijk deze plat. ⁠

Dag 6:

We gaan de mouwen van onze trui afwerken met een boordje.

1 - Speld de korte kanten van de mouwboord op elkaar, Stik vast, strijk de naad open, vouw de boord dubbel en strijk de vouw.

2 - Schuif de mouwboord over de mouw en speld vast. Je kunt dit weer netjes verdelen door beide stofdelen in vieren te verdelen en per kwart aan elkaar te spelden, maar de boord is zo klein dat het niet echt nodig is. ⁠

3 - Stik vast met een rekbare steek. Dat is even een gepriegel omdat de mouwopening niet zo groot is. Je kunt dit doen door de boord over de vrije arm van je machine te schuiven, maar soms is de vrije arm te groot hiervoor. Dan ga je voor methode 2, waarbij je de boord steeds onder het voetje frummelt. ⁠

4 - Strijk de boel netjes plat, en klaar! 

Dag 7:

We zijn er bijna! Alleen de halsboord nog! Hieronder volgt een korte uitleg; meer uitleg vind je in het speciale anti-lubberende-halsboorden-blog

1 - Deze stap kennen jullie nu wel: speld de korte kanten van de halsboord aan elkaar, stik vast, strijk open en strijk dubbel. ⁠

2 - We gaan de boord en de hals van de trui weer in vieren verdelen. Speld de kwarten op elkaar, en verdeel de stof tussen de spelden. De halsboord is een stuk kleiner dan de halsopening van de trui, dus je moet de stof tussen de spelden steeds flink uitrekken om de boord op de trui te laten passen. Probeer de boord zo goed mogelijk te verdelen. ⁠

3 - Stik de boord vast met een gewone rechte steek (lange steeklengte). Dat is heel belangrijk, want de kans is aanzienlijk dat de boord te ruim of te krap is. Ligt de boord niet mooi plat, of zitten er veel plooitjes en vouwen in de trui zelf? Haal dan de boord los, kort hem in (of knip een langere boord) en begin opnieuw . Net zolang tot je tevreden bent, pas dan stik je alles vast met een stretchy steek. 

4 - Als je de boord hebt gestreken ben je klaar! Je trui kan aan de buitenwereld getoond worden (en ik zou het heel leuk vinden als je hem ook aan ons laat zien, dus deel je trui met #makersinc).

Maar je kunt ook nog een stap verder gaan! Wil je een extra professionele finish? Stik dan de naadtoeslag van de boord vast aan de trui zelf, met een dubbel stiksel. Hoe je dat doet (spoiler: met een tweelingnaald, zit ook in het alles-in-één pakket voor de trui) zie je in deze video.